‘Afgerekend op medaillekansen', door Ruurd Kunnen


Ambities moeten tegenwoordig. Dat is de maatschappelijke norm.
Zonder ambities geen vitaliteit, zonder vitaliteit geen goed werkende markten, zonder goed werkende markten geen welvaart.
Ambities moet je hebben, ze moeten hoog zijn en je moet er op afgerekend worden.

Waar afgerekend wordt, vallen spaanders. Wie hoge ambities wil realiseren moet niet kinderachtig zijn en beslissingen durven nemen. Dat is onze VOC-mentaliteit. Dan sneuvelen er maar een paar inlanders. With God on Our Side. Fred Rutten en Co Adriaanse kunnen er over meepraten. Rationeel gezien was het inefficiënt om degenen die het beste wisten wat er niet goed ging in hun teams, de laan uit te sturen. Het heeft ook niet geholpen, want de prestaties van PSV en Twente zijn er niet beter door geworden. Maar de heren zijn afgerekend; daar ging het om.

De Nederlandse sportambitie is structureel bij de top tien van de wereld te behoren. Sport is de belangrijkste bijzaak in het leven heeft Kees Jansma gezegd. De regie ligt in handen van NOC*NSF. Met zo’n 100 miljoen aan inkomsten hebben die wel iets te verspijkeren. Zoveel geld dient vanzelfsprekend efficiënt te worden besteed. Geen softe, onrendabele ondersteuning van sporten zonder medaille-potentie. Er wordt tot 2016 (en wellicht ook daarna nog) geïnvesteerd om de toptien ambitie te halen. De kapitaalmarkt doet ook in de sportsector zijn werk.
Er zijn 90 bonden aangesloten bij NOC*NSF, maar dat wil niet zeggen dat ze allemaal gelijk zijn. Er zijn nou eenmaal grote en kleine bonden, rijke en arme en succesvolle en minder succesvolle. De schaakbond is klein en arm en zal de komende vier jaar op z’n best één mondiale toptienspeler leveren. Heel misschien worden we nog een keer Europees landenkampioen of eindigen we bij de eerste vijf op een Schaakolympiade. Al met al geen sport om veel geld in te stoppen.

De KNSB verliest een groot deel van de subsidie die zij nu nog van NOC*NSF ontvangt. Tot 2016 zal er 7,5%-10% per jaar minder te besteden zijn. Als de contributie met 10 euro per lid wordt verhoogd, is het gat gedicht. Dat is echter niet haalbaar. Veel verenigingen worden ook al geconfronteerd met extra kostenstijgingen door hogere zaalhuur die zij moeten doorberekenen aan hun leden.

Dat wordt dus bezuinigingen. Op de bondscoach of de talentencoach? Op de ratingverwerking? Op de trainers- of scheidsrechterscursussen? Op de administratie? Op de competitie? Op het NK? Op het bondsblad? Op alles een beetje?
Wat je ook doet, het zal linksom of rechtsom altijd tot gevolg hebben dat de KNSB zwakker wordt en de medaillekansen kleiner. De neiging bij NOC*NSF om de geldkraan nog verder dicht te draaien zal daardoor groter worden.

Om aan een vicieuze cirkel te ontsnappen is er eigenlijk maar één weg en dat is het aantal betalende leden te vergroten. Het helpt als Nederlandse schakers internationaal goed presteren, want potentiële leden kunnen daaraan zien dat schaken een serieuze sport is waarmee ze zich kunnen vertonen. Daarom moet de KNSB blijven streven naar ledengroei èn naar een hoog niveau van het Nederlandse topschaken.

Geen ambities opgeven is dus de boodschap. De KNSB staat niet voor een eenvoudige klus.


Meer columns van Ruurd Kunnen

14 april 2012